Veilig achter de dijken
Kinderen spelen in Pibor, Zuid-Soedan
Maar ook dichter bij huis zijn er zorgen genoeg. Het vertrouwen in de overheid en instanties daalt. En ook ons vertrouwen in elkaar staat onder druk. Het wordt steeds sneller wij-tegen-zij. Discussies raken gepolariseerd: je bent links óf rechts. Je bent voor Israël óf voor de Palestijnen. Je bent woke óf conservatief. Ga zo maar door. Er wordt veel geschreeuwd en weinig geluisterd. Volgens mij is er steeds minder ruimte om genuanceerde gesprekken te voeren.
Het nationalisme neemt toe, ook in Nederland. Laten we ons maar terugtrekken; achter onze dijken zijn we immers veilig. Laat de rest van de wereld het zelf maar uitzoeken, we hebben genoeg eigen problemen. En hebben we niet al genoeg gedaan? Het beeld leeft dat mensen die asiel zoeken alleen uit zouden zijn op onze welvaart. Die kunnen we toch missen als kiespijn?
De roep om ons veilig achter onze dijken te verstoppen beïnvloedt ook ons werk: er is minder geld beschikbaar voor ontwikkelingssamenwerking. Hoewel het de wens van het kabinet was om internationale solidariteit op de kaart te zetten, blijkt dat in de praktijk niet het geval (zie kader). De aandacht voor crises in Afrikaanse landen is minimaal. Zelden is er aandacht voor de overstromingen, conflicten en grote groepen vluchtelingen in Zuid-Soedan.
Tijdens een bezoek aan Pibor in Zuid-Soedan sprak ik Loki. Hij is twaalf jaar oud en komt graag op onze Child Friendly Space, een centrum waar hij veilig kan........
