Het zweet breekt me nog uit als ik terugdenk aan al die paniekerige zoektochten naar een verloren lievelingsknuffel |
De sneeuw had plaatsgemaakt voor doodgewoon Hollands kutweer: regen en wind. Het Bellamypleintje, ’s zomers toch niet zonder Parijzige allure, lag er verlaten bij. Op de hoek had de gemeente een bord geplaatst: ‘Lever hier uw kerstboom in tussen 29 december en 18 januari’. (Er zijn blijkbaar ook rusteloze zielen die hun boom vóór oud en nieuw wegdoen, en zonderlingen die wachten tot het lente wordt).
De Amsterdamse burgers waren gehoorzaam geweest, want er lag een flinke berg kerstbomen in diverse stadia van naalduitval. Vroeger trof je in zo’n stapel afgedankte boslijken vaak nog zilverige sliertjes lametta, plukken ‘engelenhaar’ en andere resten van westerse beschaving aan, maar tegenwoordig worden de bomen woest en ledig teruggegeven aan........